Cursus

Lieve, lieve Floris,

Vandaag had mama een cursus op haar werk. Nu moet je weten dat mama cursussen normaal gesproken altijd heel leuk vindt. Om te leren hoe ik andere woorden kan gebruiken dan ik gewend ben. Om te zien hoe ik het anders kan doen. Om te oefenen met gesprekken en dan te ervaren dat ik mijn doel bereik door net één zinnetje anders uit te spreken…

Vandaag zat mama stil op haar stoel, met als enige bijdrage het opschrijven van mijn naam op een velletje wit papier. Vandaag was ik aanwezig en dwaalden mijn gedachten af, naar hoe het had kunnen zijn. Naar hoe het had moeten zijn. Vanmorgen had ik jou in alle vroegte op de fiets naar onze gastouder moeten brengen, maar vanmorgen zat mama alleen op de fiets.

 

“Eén woord om de cursus van vandaag te beschrijven…” vroeg de trainer na afloop. Boeiend, werd er om me heen gezegd. Leerzaam, pittig, fijn om weer even te herhalen…

“Ik ben blij dat ik het heb gered tot 12:00 uur,” hoorde mama zichzelf zeggen. Als ik naar huis fiets voel ik langzaam de gekte in mijn hoofd weer op komen. Ik fiets en ik trap steeds harder. Ik wil zo snel mogelijk weer thuis zijn, in mijn veilige cocon van verdriet. Waar de wereld niet zo dichtbij komt, maar het leven van alle dag op afstand blijft. Waar ik niets hoef met leerdoelen en interactie, maar ook niet met ‘hoe gaat het nu met je?’ en ‘wat knap dat je er weer bent’. Ik wil hier niet zijn. Ik wil dít niet zijn.

Ik fiets en ik fiets en ik raas langs de huizen, de auto’s en de mensen. Ik kom op een moment alleen nog maar langs weilanden. Ik zie alleen maar groen; de bomen, het gras, de weilanden… Dan kijk ik omhoog, de lucht is bedekt met wolken. Waar ben je Floris? Er komt paniek in mijn moederhart naar boven… Waar ben je nu? Ben je daar achter de wolken? Ben je nog veel verder, achter het heelal? Waar, Floris? Waar ben je? Ik kan niet meer voor je zorgen. Ik kan je niet vastpakken, en ik kan je ook niet meer zien. Help me… iemand. Help! Ik voel een alles overheersende drang om bij je te zijn, ik voel onrust en waanzin. Zo hoort het niet te zijn. Waar moet ik naartoe met mijn liefde? Ik kan het nergens brengen. Ik sta hier met mijn armen vol liefde, en zo blijf ik voor altijd staan.

Langzaam maakt mijn wanhoop plaats voor boosheid. Weer kijk ik naar de wolken. God, wat heb Je met mijn kind gedaan? Waarom laat je mij hier achter, waarom moet ik hier staan met die armen vol liefde? Ik had hem nog zoveel te geven, maar ik sta hier nu alleen. Ik ben nu de mama die geen mama meer kan zijn. Ik ben een gebroken vrouw, en hoe hard ik ook mijn best doe om de brokstukken weer op te rapen en in elkaar te lijmen, iedere dag breekt mijn hart opnieuw. Ik zie mezelf zitten, tussen al die ellende. Ik kijk verdwaasd naar wat er van het leven is geworden…

Dat ik genoegen moet nemen met aanwezig zijn op een cursusdag, dat ik afspraken vergeet omdat mijn hoofd te vol zit, dat ik begrip zoek voor de moeite van mensen over hoe nu met mij om te gaan, dat ik wordt genoemd in de gesprekken van anderen: “die vrouw heeft haar zoontje verloren, heel plotseling.” Dat ik mijn dagen vul met vechten tegen mijn donkere hart. Dat ik nu iedere dag mijn best moet doen om door te gaan, op te staan en dapper door te lopen. Hoe kan ik dit ooit dragen? Dat kan ik niet.

En dus kijk ik weer naar de wolken. Om in de termen van mijn cursus te blijven spreken; hier is de tas, God. Dit is te groot voor mij, dit is te veel voor mij. Dit doet veel te veel pijn. Hier is de tas, pak hem maar aan en draag hem voor mij. Ik kan het niet én ik wil het niet…

10-04-2017

 

 

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s