Waar zit de pauze-knop?

Lieve Floris,

Donker. Het is weer zo aardedonker in mijn hart. Alsof de luiken dicht zijn, zo donker. Mama voelt zich zwaar en moedeloos. Mama is de hele dag verdrietig en loopt continu rond met een knoop in haar maag. En het allerergste? Papa voelt zich precies zo.

Net nu het weer wat beter leek te gaan storten we weer met een rotgang de ellende in. Iets beter, dat ging het de laatste weken echt. Stapje voor stapje lukte er steeds meer. Konden we ineens een plan maken voor de volgende dag en ons daar dan ook nog aan houden. Kregen we weer energie om met nog grotere plannen bezig te zijn; de tuin opknappen, dat gingen we doen.

Ook op het werk zagen papa en mama weer kleine lichtpuntjes. Papa zou zijn dagen gaan uitbreiden, want hij voelde dat hij daar weer klaar voor was. Mama hakte knopen door over wat ze vanaf nu op het werk zou gaan doen. Iets nieuws, iets leuks en een mooie uitdaging. We kregen er zelfs een beetje zin in Floris.

En nu? Nu zie ik onze grootse plannen en denk ik laat ook maar. Nu is op tijd de aardbeien uit mijn moestuin plukken al een hele uitdaging. Nu denk ik aan de week die voor me ligt en dat ik twee dagen naar het werk moet en dan denk ik nee. Nee. Nee. Dat kan ik niet.

Het maakt me boos lieve jongen. Zó enorm boos. Deze terugval voelt als een klap in ons gezicht. We krabbelden net een beetje op met zijn twee. We leken net weer heel voorzichtig een beetje doel in ons leven te krijgen. En bam. Daar liggen we weer, helemaal onder in de diepe put van verlies. Dit keer lijkt hij eindeloos diep. Voelt het alsof we er nu écht niet meer uitkomen. Dit keer zitten we samen op de bank en is de energie gewoonweg op. Lukt het niet meer om op te staan en dapper door te lopen.

Mama weet best waar dit door komt, dat papa en mama zich nu weer zo voelen. De afgelopen dagen zijn we met onze neus op de feiten gedrukt. De wereld draait door, zonder Floris. De wereld draait door terwijl papa en mama stil staan. Terwijl wij nog diep in ons verdriet gedoken zitten, maken de mensen om ons heen mooie, nieuwe plannen. In de afgelopen week vertelden twee van onze beste vrienden dat ze een kindje verwachten. Wat een wonder, wat een prachtig nieuws! We zijn oprecht blij voor ze en praten enthousiast mee over hoe dat straks zal zijn. Voor het ene stel zal dit hun eerste kindje worden, en dus praten we al lachend over de zwangerschapskwaaltjes en de lange to do list die in de komende negen maanden afgewerkt moet worden. Babykamer inrichten, naam verzinnen, kleertjes kopen, wassen en strijken, cursussen volgen, boeken lezen en ga zo maar door. Maar later komen bij ons ook de tranen. Het liefste zou ik willen dat de wereld te besturen was. Dat ik op 22 januari gewoon een pauze knop had kunnen indrukken en dat iedereen zou wachten met verder leven tot wij er ook weer klaar voor zijn. Al denk ik wel dat ik in dat geval eerder de stop knop had ingedrukt. Het liefste zou ik weg willen duiken in ons eigen coconnetje, zou ik nooit meer naar buiten willen gaan. Het liefste zou ik willen dat ik er niet zo verdrietig van werd, maar dat ik alleen maar blij kon zijn voor deze lieve, lieve vrienden. Maar het raakt mijn eigen pijn, mijn wanhoop en angst. Het wakkert onze onzekerheid aan, maakt ons weer duidelijk dat we niet meer onbezorgd zijn. Het laat me zien dat we zo overduidelijk niet meer zoals de rest zijn; zij die gelukkig zijn, en wij die een donker hart hebben. Zucht. Ik staar uit het raam naar onze braakliggende tuin. Hoe moeten we ooit verder? Nu weet ik dat de put alleen maar dieper is, als ik na een paar ‘goede’ dagen weer naar beneden donder.  Nu ervaar ik weer dat het helemaal geen zin heeft om de puinhoop van ons leven aan te pakken. Het zal toch nooit meer zo worden als toen. Toen wij zelf verwonderd en vol dankbaarheid naar een test zaten te staren. Toen wij elkaar aankeken en de blijdschap in elkaars ogen zagen. Het zal nooit meer worden zoals toen, toen we jou hartje voor het eerst hoorde kloppen en de liefde als een warme stroom door ons lichaam raasde. Nooit meer zoals toen we jou eerste schopjes voelden, toen we aan mama’s buik zagen hoe groot jij groeide.

En het zal nooit meer worden zoals toen, 5 augustus 2016, toen jij ons met jou komst voor altijd en tot in het diepste van ons zijn veranderde. Dat maakt dat het me ondanks de blijdschap ook zo’n pijn doet. Want het wordt nooit meer zoals toen…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s